Authenticiteit

Authenticiteit gaat over de garantie dat een digitaal object is wat het zegt te zijn. Het object is wat het voorgeeft te zijn; het is aantoonbaar niet onbedoeld veranderd sinds de aanlevering en er kan worden gedemonstreerd dat na transformatie alle kenmerkende eigenschappen zijn behouden.

Wat is authenticiteit?

Volgens OAIS is authenticiteit: “The degree to which a person (or system) regards an object as what it is purported to be. Authenticity is judged on the basis of evidence”.

Organisaties kunnen het concept authenticiteit vanuit verschillende invalshoeken benaderen. Archieven kunnen bijvoorbeeld een andere aanpak hebben dan bibliotheken, omdat hun mandaat verschillend is.

Met welke maatregelen kun je vaststellen of een digitaal object authentiek is? 

Volgens D24.1 Report on Authenticity and Plan for Interoperable Authenticity Evaluation System, geschreven door het APARSEN project, kan het vaststellen van authenticiteit op technische en niet-technische wijze worden aangepakt. Een combinatie van beide aanpakken is gebruikelijk. Niet-technische maatregelen bestaan bijvoorbeeld uit het checken van de identiteit van de producent van het digitale object dat moet worden bewaard. Technische maatregelen zijn bijvoorbeeld checks van de bit integriteit en het vastleggen van herkomstinformatie. 

Welke kennis is er binnen de organisatie nodig?

  • Kennis van manieren om de authenticiteit van een object te bepalen;
  • Kennis van het documenteren van de eigenschappen van het originele object.

Wie spelen er binnen en buiten de organisatie welke rol?

Management

Stelt de definitie van authenticiteit vast en stelt vast hoe het oorspronkelijke binnengehaalde object authentiek wordt gehouden.

Consument/Doelgroep

Kan vertrouwen op de authenticiteit van het materiaal en kan zo nodig beschikken over informatie die de authenticiteit verder onderbouwd.

Collectiebeheerder

  • Adviseert het management over de collectieonderdelen die bewaard moeten worden;
  • Moet zeker weten dat het juiste materiaal wordt binnengehaald.

Producent/Depotgever

  • Moet erop kunnen vertrouwen dat het digitale materiaal behoorlijk wordt gepreserveerd en op lange termijn toegankelijk zal zijn. Hij of zij wordt bewust gemaakt dat een ordelijke overdracht – voorzien van de nodige metadata – van belang is om de authenticiteit van het digitale materiaal te waarborgen.

Informatiemanager

  • Moet beslissen over beleid voor functionele preservering;
  • Moet beslissen over functionele preserveringsstrategieën.

Operationeel Manager/Functioneel Beheerder/System Architect/Technology Operator/Solution Provider/Technisch manager

  • Is verantwoordelijk voor het bieden van technische oplossingen voor functionele preservering.

Wat is het risico als we niet vastleggen wat onze definitie van authenticiteit is? 

Authenticiteit wordt vastgesteld op basis van bewijs. Zonder een scherpe definitie, wordt het lastig om de benodigde authenticiteitschecks in te bouwen. Dat kan vervolgens weer leiden tot verlies aan vertrouwen, o.a. bij de doelgroepen. De potentiële gebruiker van de collectie in het digitaal archief moet namelijk de authenticiteit van digitale objecten kunnen bepalen en de eigenaar van het digitaal archief voorziet in de bewijslast. Als een organisatie niet weet of haar objecten authentiek zijn, dan kunnen haar doelgroepen dat ook niet vaststellen. Daarmee loopt niet alleen de digitale collectie maar ook de reputatie van de organisatie gevaar.

Welke vragen kunnen wij onszelf stellen? 

  • Hoe overtuig je je gebruikers dat de gepreserveerde objecten authentiek, integer en betrouwbaar zijn?
  • Welke informatie met betrekking tot het digitale object hebben de doelgroepen nodig om de authenticiteit van digitale objecten vast te kunnen stellen?
  • Heeft onze organisatie de cruciale elementen geïdentificeerd en beschreven waarmee authenticiteit voor de doelgroepen kunnen worden vastgesteld?
hoe verwoorden andere instellingen 'Authenticiteit'

To guarantee authenticity in the context of preservation policy, three conditions must be complied with: 
1. The object is what it purports to be. A quality analysis is carried out on the object to demonstrate this fact.
2. The object has not been altered unintentionally or without authorization. For this purpose the lifecycle of the object is recorded.
3. The object is usable, can be played out and has significance to the user. For this purpose the essential properties of the object are preserved.

Authenticiteit garanderen

Het Nationaal Archief garandeert de authenticiteit van de digitale informatie vanaf het moment van opname. Authenticiteit bestaat uit 3 essentiële karakteristieken:

  • betrouwbaarheid
  • integriteit
  • bruikbaarheid*
    *waarbij bruikbaarheid wordt gedefinieerd als “logische preservation en een voorziening van noodzakelijke metadata voor locatie, retrieve en interpretatie.”